Besmetting met hoofdluis is een volstrekt onschuldige aandoening, die vooral bij kinderen  voorkomt.  In Nederland doet zich regelmatig de vraag voor in hoeverre therapeutisch falen  veroorzaakt wordt  door onvolledige behandeling, herbesmetting of resistentie. Resistentie is  herhaaldelijk  waargenomen, natuurlijk is er geen enkel preparaat 100% effectief. Voor ouders is  dit een zeer  onbevredigende situatie. De onmacht de luizen definitief weg te krijgen leidt tot  wanhopige pogingen  met de meest toxische producten.

In Nederland worden er vermoedelijk twee miljoen verpakkingen bestrijdingsmiddelen verkocht. Andere gegevens over het voorkomen in Nederland zijn niet bekend. Zeker is dat vrijwel alle  kinderen in de basisschool leeftijd ooit geplaagd worden door een besmetting met hoofdluis.  Omdat  de luis gemakkelijk van kind naar kind, van gezinslid naar gezinslid loopt (rechtstreeks of  via  kammen, dassen, petten, handdoeken, knuffels, meubels) is het belangrijk om gezinnen en  groepen  kinderen tegelijk na te kijken en te behandelen. Dit geldt ook voor klasgenoten en  gezinsleden  zonder jeuk, omdat slechts bij een minderheid symptomen optreden. Tegelijkertijd  dient de mogelijk  geïnfecteerde kleding of ander textiel van de drie voorafgaande dagen te  worden gewassen op 60°  of een week weggezet in een plastic zak. Kammen en borstels een uur  laten weken in een  bestrijdingsmiddel.

Wat zijn het ?
Hoofdluizen zijn witachtige insecten van twee tot vier millimeter groot. Ze zijn zo  klein als een speldenknop of nog kleiner. Ze zijn grauwgrijs van kleur, maar nadat ze  bloed hebben gezogen  zijn  ze rood. Door flink te kammen met een fijne stofkam  boven een stuk wit papier, een witte  doek of  een wasbak kun je de luizen zien.  Hoofdluizen zijn familie van elkaar. Luizen kruipen  langzaam rond  over de huid en de  haarwortels en dat veroorzaakt jeuk. Met enige moeite kunt  u  ze vinden. Ze  kunnen niet springen. Hoofdluizen zitten in het hoofdhaar. Luizen leggen eitjes  die  ze  vastplakken  aan de haren, vlak bij de huid. De eitjes hoeven niet per se op het  lichaam  te  zitten om lang in  leven te blijven; die kunnen beter tegen de kou.  Hoofdluizen worden ook wel  'pietjes' genoemd. De  eitjes noemen we 'neten'. De  eitjes van de hoofdluis (neten) lijken op  roos, maar dan een soort roos  die je niet  kunt weg borstelen. Ze zitten net als luizen meestal  dicht tegen de hoofdhuid aan,  vooral  op warme plekjes zoals achter de oren en in de nek.  Weghalen met een kam of  borstel lukt niet.

 Hoe krijgt u ze ?
Mensen kunnen hoofdluizen aan anderen doorgeven als hun hoofden elkaar raken. Luizen lopen  over. De besmetting vindt daarom vooral plaats als kinderen met het hoofd dicht bij elkaar  komen  of als  de haren elkaar raken. Maar ook via de kapstok, kragen van jassen, via mutsen,  sjaals en  het  gebruik van borstels en kammen van anderen kan besmetting plaatsvinden. In het  begin  merkt het  kind niets, maar dat wordt al gauw anders. De luis houdt zich in leven door  bloed te  zuigen uit de  hoofdhuid. Hierdoor gaat het jeuken en gaat het kind zich krabben. Door  dat  krabben komen er  kleine wondjes op het hoofd, die ontstoken kunnen raken. Er ontstaan dan  korstjes. Ook via jassen  die tegen elkaar hangen, kunnen hoofdluizen van de ene persoon bij de  ander terechtkomen. Op  scholen verspreiden hoofdluizen zich gemakkelijk onder kinderen.  Hoofdluizen kunnen ook via een  kussensloop 'overlopen'.

Kan het kwaad ?
Luizen veroorzaken alleen jeuk en kunnen geen kwaad.

Wat kunt u er zelf aan doen ?
Bij steeds terugkerende jeuk op behaarde plaatsen, moeten deze plekken zorgvuldig nagekeken  worden bij goed licht. Behandeling bestaat uit een combinatie van wassen en kammen. Luizen  zijn  goed te bestrijden met een speciale shampoo of lotion, als u de gebruiksaanwijzing precies  opvolgt.  Neten overleven deze wasbeurt soms en kunnen dan later weer uitkomen. Omdat neten  aan de  haren vastzitten, moet u het haar uitkammen met een fijne kam. Ondanks deze  maatregelen  kunnen er neten achterblijven; daarom moet u de behandeling na een week  herhalen. Shampoo,  lotion en een speciale 'netenkam' kunt u kopen bij de drogist.

De kleren van iemand met luizen moeten gewassen worden (ook de jassen). Verschoon ook het  bed. U kunt deze maatregelen het beste bij alle huisgenoten nemen.

Als u hoofdluizen ontdekt bij uw kind, controleer dan het hele gezin en meld dat dan ook op  school. Dan kunnen anderen ook maatregelen nemen en krijgt uw kind niet telkens opnieuw  luizen. Op elke  school komen wel eens hoofdluizen voor. Onderwijzers kijken er niet vreemd van  op.

Wanneer naar de huisarts ?
Voor hoofdluis hoeft u niet naar de huisarts.

Preventie: hoe kun je het zelf voorkomen ?
Om besmetting te voorkomen. Niet elkaars muts, sjaal, das, haarspeldjes, borstel of kam  gebruiken. Daardoor kun je proberen de kans op besmetting zo klein mogelijk te houden, als er  luizen of neten zijn gesignaleerd. Controleer regelmatig de haren met een netenkam.
Om van hoofdluis af te komen. Als u denkt dat uw kind luizen of neten heeft, kijk dan  iedereen  in huis even na om te kijken of ze ook besmet zijn. Bij de drogist of apotheek zijn  middelen te koop  om hoofdluis te bestrijden. Gebruik bij voorkeur een lotion (Noury of Prioderm).  Shampoo helpt in  het algemeen niet afdoende. Lees vooraf goed de gebruisaanwijzing. Zet na  het gebruik de lotion  goed weg, zodat kinderen er niet bij kunnen. De lotions bieden geen enkele  bescherming tegen het  overlopen van luizen. Daarom heeft het geen zin om uit voorzorg de  lotion te gebruiken. Gebruik de  middelen dus alleen als er luizen of neten te zien zijn. Kam het  haar na de behandeling dagelijks  met een netenkam om eventuele luizen te verwijderen.  Controleer het haar na de behandeling één  keer per week. Als de hoofdluis binnen 6 weken na  een tweetal volledige behandelingen met een  bestrijdingsmiddel waarin de stof malathion 0,5%  zit weer de kop opsteekt, neem dan contact op  met de jeugdverpleegkundige van de GGD. Na de  behandeling met hoofdluislotion moet het  beddengoed, knuffels e.d. op minimaal 60° graden  gewassen worden. Ook mutsen, sjaals en  jassen moeten goed gewassen worden. Moeilijk wasbare kleding kunt u een week opbergen in een  goed afgesloten plastic zak. Hierna moet de  kleding goed gelucht en flink uitgeborsteld worden.

Meld het op de peuterspeelzaal of op school als uw kind hoofdluis heeft.
Dit is erg belangrijk: de leiding kan dan de andere ouders informeren en zo proberen om verdere besmetting te voorkomen. Wanneer u als ouder zo'n melding krijgt, controleer dan zo snel  mogelijk  uw kind(eren).